Ik ben beeldend kunstenaar/schilder en al vijfendertig jaren bezig mijn relatie tot het mysterie van de natuur te verbeelden. Ik ben geboren (1951) en opgegroeid in Maastricht. Daar trouwde ik met Lidy en kregen we twee zonen. Na mijn academietijd woonden we zes jaar aan de waddenkust in Friesland en enkele jaren in Tiel. Nu wonen we alweer 20 jaar in Schinveld in een verbouwde boerderij met binnenhof en tot atelier verbouwde schuur. Mijn inspriratie vind ik dicht bij huis in een bronnenbos, onderdeel van een natuurgebied langs de grens, dat net buiten de verstedelijkte, voormalige oostelijke mijnstreek ligt. Naast schilderen geef ik schilderlessen aan kleine groepjes in mijn atelier en nu en dan workshops geomantie / schilderen.
Ik geloof in de directe werking van authentieke beelden. Mijn fascinatie voor het landschap heeft even zovele fasen doorlopen als het landschap (en ikzelf) gezichten en lagen heeft. Ik leerde verschillende landschappen kennen. Bij Maastricht, in Drenthe, Noorwegen, de Alpen, Bhutan, Normandië, maar ik verbond me vooral met het Friese landschap (zes jaren) en de Schinveldse Bossen. De laatste al weer twintig jaren. Natuurobjecten als veertjes en botjes (Maastricht), rotsblokken (Noorwegen), stenen en takken (Schinveld) schilder ik als contrapunt van ruimte en licht. Ik werk in een ritmisch arcerend handschrift om zo niet alleen het atmosferische licht en transparantie, maar ook de etherische ‘dans van deeltjes’ uit te kunnen beelden. In de loop van de jaren verandert mijn handschrift enkele malen: van grof (met paletmes) naar rechtlijnige arceringen. Vervolgens naar fijne, ronde arceringen en ‘kommaatjes’. Sinds enkele jaren zijn de streepjes en toetsen losser (in verschillende richtingen, groter) en soms omlijnd (aquarellen). Door deze techniek sluit een deel van mijn werk aan op dat van de post-impressionisten en sommige luministen. Kunstenaars die me boeien zijn: Caspar David Friedrich, Corot, Redon, Seurat, van Gogh, Bonnard, Rothko.
Vooral de plaatsen die ik kan ervaren als overgang / poort naar een ‘andere wereld’ trekken me aan: oevers, ijsplassen, heuvelkoppen, bronnen, bomen, krachtplekken. Het schilderij zelf ervaar ik ook als zo’n transitie-ruimte, geordend door de geometrie van kruis, spiraal of ovaal. Vanaf 1998 leer ik te luisteren naar de ‘songlines’ van het landschap en stel ik me open voor de etherische stromen van een plek. Mede hierdoor wordt mijn kleurgebruik gedurende de laatste jaren meer stralend en helder.
Wat begint met werken vanuit kinderlijke verwondering voor de openheid van landschappelijke ruimtes, gaat vervolgens over in een zoektocht naar het mythische landschap met zijn kosmisch-aardse stromen en de daarmee resonerende kleuren. Daarna gaan de musicale kwaliteiten van water de boventoon voeren: trilling, ritme, stroming. Deze zoektocht naar het plaats- en tijdloze kosmische landschap, de paradijselijke tuin of de ‘heelheidsruimte’, die tevens een tocht door de kleuren* is, komt eind 2008 tot rust. Ik werk nu aan de serie ‘Waterhart’, waarin naast gelaagde stromings-patronen verschillende elementen uit de vorige series een rol spelen. *Het boek over mijn werk dat hopelijk in 2010 wordt gepresenteerd heet dan ook “Transformatie in kleur”.
“Ik schilder met tempera. Aanvankelijk met ei-polyurethaan-tempera en losse pigmenten. De laatste tien jaar met caseïne-tempera (Rembrandt-olieverf met caseïne als emulgator op mdf-paneel). De tempera-techniek leent zich goed voor het werken met kleine kleurstreepjes. Ik beeld er ‘de dans van deeltjes’ mee uit, de brug tussen vorm en vormeloosheid. Maar doorslaggevend is voor mij het feit dat water etherischer is dan olie en terpentijn. De heldere, volle kleurtoesten ogen o.a. door beeldverkleining en optische kleurmenging op het computerscherm helaas meestal als pastel.
Al enkele jaren is een boek met een uitgebreid overzicht van mijn werk in voorbereiding. Verschillende beschouwingen over mijn werk werden geschreven door de Belgische dichter/schrijver Claude van de Berge, schrijver/cultuurfilosoof Ton Lemaire, en door de Libanese kunstenaar/cultuurhistoricus Jihad Abousleiman. Ik schreef zelf een verbindende poëtische teksten en dagboekfragmenten. Inmiddels is de lay out in een tweede fase en worden binnenkort de aanvragen voor subsidie en sponsoring en voorinteken exemplaren verstuurd. Eind 2010 of begin 2011 hopen mijn uitgever Jan Willem Bakker en ik het boek te kunnen presenteren.
Door Jos en Lidy van Wunnik
Met de onderstaande informatie hopen we bij te dragen tot een nieuw bewustzijn van de ons omringende natuur, te beginnen in de eigen plaatselijke omgeving. De natuur ‘zien’ in zijn eigen wezen en liefdevol tegemoet treden. De mens heeft de neiging de natuur te willen verbeteren, en (energetische) verstoringen te willen herstellen, maar legt daarmee vaak (opnieuw) zijn eigen oude patronen op aan andere wezenswerelden. Als we ons hiervan bewust worden kunnen we manipulatieve activiteit leren onderscheiden van het resoneren met de scheppende eenheid van natuur-aarde-kosmos, zodat ook wij er weer scheppend deel van kunnen uitmaken. Al het onderstaande is in wezen niet meer dan een beperkt concept van een meetbare structuur, waarachter zich een niet-meetbare holistische realiteit bevindt. Dit concept kan echter van dienst zijn als een nieuwe taal bij het communiceren over en bevestigen van de ervaring van deze onzichtbare realiteit, die als een verzonken, niet dagelijks toegankelijk land diep in ons onderbewustzijn is weg gestopt en erop wacht om weer volledig geïntegreerd te worden in ons bewustzijn. Dit ‘etherveld’ is zowel werkzaam in de fysieke wereld als in de psychische realiteit. De Kelten noemden het ‘Waterwereld’ waarin alles stroomde en continu andere vormen aannam, bezield door het paradijselijke Aardemidden. De Aborigines noemden het ‘droomtijd’. Door het ervaren van deze ‘hemelse aarde’ kunnen we weer deel uitmaken van het heilige, kosmisch-geestelijke aspect van het landschap en de breuk helen tussen de objectwereld en de tijdloze-vormloze leegte; voor wetenschappers het ‘zero-points-field’, voor ons hart voelbaar als heelheidsruimte.
Het ontwikkeld overzicht (waarin geoharmonie de leidraad is in tegenstelling tot geopathie), is uiteraard onvolledig en in ontwikkeling. Bovendien is de naamgeving van enkele krachtplekken en -lijnen subjectief en heeft geen algemene geldigheid. Het zou daarom zinvol zijn de verschillende energetische kwaliteiten, hun karakteristieken en hun naamgeving, zoals die door verschillende geomanten is ontwikkeld, te inventariseren en wetenschappelijk te toetsen om tot een gemeenschappelijke terminologie en beeldtaal te komen. In Duitsland is men hier al verder in.
Krachtplekken
Dit zijn landschapsplekken/ concentratiepunten of –zones waar een verhoogde uitwisseling plaatsvindt tussen ‘etherisch-kosmische’ en aardse energieën. Anders gezegd, uitwisseling tussen golven - informatie uit de non-lokale (niet aan tijd en plaats gebonden) ruimte - en plaatsgebonden energie.
Het ervaren van een krachtplek
Een concentratiepunt kan o.a. herkend worden aan een specifieke stromingsrichting, omhoog of omlaag stuwend, waardoor je je lichter of zwaarder kunt voelen. Of beiden tegelijk waardoor je een wiegend gevoel krijgt. Maar ook aan het ervaren van intense stilte (alsof je een ‘bel’ binnenkomt), aan geuren, aan tintelingen in handen en voeten of benen, aan warmte of koude en aan het ‘horen’ van tonen. Sommigen ‘zien’ of ‘voelen’ kleuren of beelden met gesloten ogen, anderen zien een trilling of waas met open ogen. Aangezien het niet ieder gegeven is om zich helemaal ‘leeg te maken’ kunnen waarnemingen van kleuren zich vermengen met meer subjectieve waarnemingen van het eigen aura.
Groot aardenetwerk
De concentratie-punten bevinden zich steeds in de nabijheid van een kruispunt van het Groot-orthogonaal- en het Groot-diagonaal-net. Het Groot-orthogonaal-net wordt gevormd door de Cardo mundi (80) en de Decumanus (350; hoek van 90); instromend, oranje. Het Groot-diagonaal-net door de Putrificator (30) en de Mummificator (130); uitstromend, rood. Het samenvallen van GON en GDN noemen we een ‘Stervormig centrum’. Waar dit samenvalt met een kosmisch-geestelijke frequentie spreken we van een energetische ‘plek’. In andere gevallen van een energetisch ‘punt’.
Geometrie
Deze kosmisch-geestelijke frequenties kunnen zich in verschillende geometrische energievormen manifesteren: spiraal, verticale zuil, bol, driehoek, vierkant, vijfhoek, lemniscaat, diabolo of ovaal.
Velden
Het geomantisch schema hebben we onderverdeeld in 6 velden: 1 De dynamiek van het Kosmisch vaderlijke en moederlijke; kosmische heelheid 2 sterren 3 zon, maan, planeten 4 aarde 6 natuur 5 onderaardse Naast de bestaande krachtplekken zijn nieuwe plekken aan het ontstaan. Dit heeft te maken met de transformerende energetische dynamica tussen de fysieke en niet-fysieke schepping. Nieuwe energetische frequenties, die zich kenmerken door eenheid (het overstijgen van dualiteit) zijn aangegeven met ^.
1 K O S M I S C H E H E E L H E I D
Het Kosmisch Vaderlijke
Het kosmisch Vaderlijke (omvat mannelijk en vrouwelijk) is werkzaam middels o.a. het licht en de sterren en drukt zich in het landschap uit in de Kosmische Vaderplek. Vier Kosmische Vaderplekken vormen samen een rechthoekige structuur. Naast de Kosmische Vaderplek vinden we een Sterrenplek. Daar waar de Sterrenplek zich verbindt met een Rode godinplek (zie ‘het Kosmisch vrouwelijke) bevindt zich een Hartcentrum (zie: 4- Aarde.)
Michaelplek en Solarplek
Het Kosmisch vaderlijke is tevens werkzaam in de Michaelplek, die zich meestal op hoger gelegen plaatsen bevindt, zoals in Hillensberg (zuid-Limburg), Mont Saint Michel en St. Michaels Mount. Op een lager niveau (van de dualiteit tussen mannelijk en vrouwelijk) is het Kosmisch mannelijke werkzaam in de Solarplek. Drakenlijnen en lichtlijnen vormen samen een Solarplek. Ook op het niveau van de Solarplek zien we de verbinding met het Kosmisch vrouwelijke. In nabijheid van Solarplek (Zon, Michaelpunt /‘vuurengel’, kosmisch mannelijk + Sterrenpunt + GON/GDN) vinden we n.l. de drievoudige dynamiek van het Kosmisch vrouwelijke in de vorm van een Zwarte Maria- en Zwarte godinpunt (transformatie), een Oermoeder- of Rode godinpunt (vruchtbaarheid) en een Witte godinpunt (heelheid). In de nabijheid van de Solarplek vertegenwoordigt het Devapunt de hogere frequentie van de natuur.
Het Kosmisch Moederlijke
Ook het Kosmisch Moederlijke (omvat vrouwelijk en mannelijk) is werkzaam in de sterren (o.a. Pleyaden, Sirius). De Kosmische Moederplek drukt de eenheid uit van het Kosmisch vrouwelijke op aarde. Het Kosmisch vrouwelijke ontvouwt zich in het landschap in de drie-voudige dynamiek van de Witte godin (heelheid), Rode godin (vruchtbaarheid) en Zwarte godin (transformatie). Deze vrouwelijke drievuldigheid vinden we o.a. terug in de Gallisch-romeinse Matronencultus (in het gebied tussen Rijn en Maas) en in het Christelijke st. Anna-te-drieën. Een voorbeeld van een landschap waarin een energetische driehoek / rechthoek nog goed waarneembaar samenvalt met een topografische driehoek is het brongebied van het Schinveldse Bos en Leiffenderven. Deze driehoek vormt samen met andere driehoeken een onregelmatige zes- of zevenhoek rondom een centraal punt. Daarnaast zijn er driehoeken (waarvan de hoekpunten ook weer Hartcentra zijn) op specifieke plekken, zoals bronnen en samenvloeiingen, die indirect met de hoofdstructuur verbonden zijn. Van groot naar klein kan men zo vijf fasen onderscheiden. Het kosmisch centrum, waar zich de hogere frequenties van Kosmische Vader-rechthoek en Kosmische Moeder-driehoek verenigen heeft nog geen naam (Plek van eenheid/vereniging?)
Hartcentrum
Allereerst is er de drievuldigheid in de vorm van drie Kosmische moederplekken die samen een driehoek vormen. Vervolgens vinden we in het landschap de drievuldigheid van de Witte, Rode en Zwarte godinplekken, die samen een driehoek vormen. Daar waar de Rode godinplek (het aardse aspect van het Kosmisch Moederlijke) zich verbindt met een Sterrenplek (het Kosmisch Vaderlijke) bevindt zich – op de hoekpunten van de driehoek – het Hartcentrum.
Slangenlijnen
De Rode godinplek, Zwarte godinplek en Oermoederpunt worden gevormd door een kruispunt van Slangenlijnen, horizontaal golvende banen met frequenties van de elementen water, vuur, aarde, lucht en ether (‘ruimte’).
Mariaplek en Lunarplek
Het Kosmisch Moederlijke is tevens werkzaam via de Mariaplek. In Zuid-Limburg vinden we een Mariaplek in het Ravensbosch bij Valkenberg. Op een lager niveau is het Kosmisch vrouwelijke werkzaam in de Lunarplekken. Ook hier zien we de drievoudige dynamiek van heelheid, vruchtbaarheid en transformatie terug. De Lunarplek is samengesteld uit: Gabriëlpunt (’waterengel’) – Mariapunt - Wittegodinpunt. Bij de Lunarplek is ook steeds het Landschaps-engelpunt (Deva-Maria-Wittegodinpunt) aanwezig, dat gelijkwaardig is aan de Lunarplek. Soms is er echter een Gabriëlplek (vergelijkbaar met Michaelplek en Mariaplek) onderdeel van de (hogere) Lunarplek, in combinatie met een (hogere) Landschapsengelplek, met daar omheen meerdere Landschapsengelpunten. In de directe nabijheid van een Lunarplek bevinden zich: het Rode godinpunt (of: Oermoederpunt), Zwarte godinpunt, Zwarte Mariapunt en Devapunt.
KOSM. MOEDERPLEK - driehoekige structuur met cirkel (van Oermoeder met door het centrum een naaf.
KOSM. VADERPLEK - rechthoekige structuur van vier sterrenplekken.
TWEE-EENHEIDPLEK (nog geen betere naam gevonden) - vereniging van Kosm. vader en Kosm. moederplek aan het uiteinde van de Kosmische moeder-naaf. Beeld: mandorla (intersectie van twee cirkels).
WITTE GAT - (‘Plek van Zijn’, completeert het beeld van de drieëenheid). Frequentie van de Geest: Heilige Geest, Moeder / Vader, Zoon (Hartcentra) / Dochter (Virginapunten).
WITTE GODINPLEK / PLEK VAN HEELHEID^ - Witte godin, kosmisch-maagdelijk aspect van de Kosmisch Moeder op aarde. Beeld: witte driehoek. Virginapunt^ : kosmische heelheid van de nieuwe aarde; lucht, ether. Beeld: koepel, bol.
GROEIZONE / HEELHEIDSRUIMTE
Kosmische plek, die zich kenmerkt door concentratie van groei, waar vrije-energie (nulpuntenergie) zich meer specifiek vermengd met materiegebonden-energie. Hierbij speelt de ‘Centrale zon’ (centrum van ons sterrenstelsel) en een onzichtbaar ‘wit gat’ aan de rand van ons sterrenstelsel een rol, tevens zon en Jupiter. Door de vereniging ter plekke met een Sterrenplek (Kosmisch mannelijk; die weer in reatie staat met een Rode godinpunt – Kosmisch vrouwelijk) ontstaat weelderige groei. Deze vermenging zal in de toekomst toenemen. Een Groeizone staat tevens rechtstreeks in verbinding met een ‘Opaalplek’, het regeneratieve aspect van de Zwarte godin (een helende plek). Beeld: ‘oneindig’ honingraat-raster, lijnen oranje, zeshoekige vlakken roze. Iets verderop is een Kosmische Devaplek / Evenwichtsplek.
METAMORPHOSEPLEK
Lichtwezens; beeld: vlinder (twee gespiegelde driehoeken; ontstaat daar waar groep overledenen overgang naar andere dimensie maakt bijv. bij grafveld. Zie ook: regeneratieve aspect van de zwarte godin.
Geestenpad: energetisch pad als verbinding tussen begraafplaats en water (moeras, brongebied); relatie met Benkerlijnen?
2 S T E R R E N
STERRENPLEK - Pleyaden (Kosm. moeder; diabolo of zandlopervorm); Grote Beer-plek (kosm. vader; parallellogram); Kleine Beer – ster van kosmische familie en ritme.
SIRIUSPLEK - (Kosm. moeder) creativiteit, groei, verbinding met alle bomen
lemniscaat, vierkant, piramide).
STERRENPOORT - Verbinding Kosmische vader / Sterrenplek met onderaards aspect van Kosmische moeder / Zwarte godin of Zwarte Mariaplek; bij Witte godinplek; tijd- en ruimtepoort; andere dimensies; lucht, ether.
STERRENVIERKANT / Kosmische vaderplek - vier Sterrenpunten met centrale Plek van evenwicht / Hartcentrum (centrum Kosm. moeder-driehoek).
STERRENVIERKANT^ - Sirius-Pleyaden-zon-aarde; zuivering, vuur, ether, drie Michaelpunten.
PUNT VAN GROEI EN EVENWICHT^ - samengaan van Siriuspunt en punt van evenwicht^.
3 Z O N, M A A N, P L A N E T E N
SOLARPLEK - zon, sterren, vuur, Michael (yang).
AARDINGSPUNT VAN EENHEID^ (bij Solarplek; ook bij Michaelpunt?)
LUNARPLEK - maan, water, Maria, Gabriel (yin).
AARDINGSPUNT VAN HEELHEID^ (Nieuw Witte-godinpunt bij Lunarplek).
HARTPUNT / LICHTPUNT VAN DE NIEUWE ZON^ (via Sirius) – ‘ster’ in de nieuwe aarde.
PLEK VAN EVENWICHT – bij Hartcentrum en op lager niveau bij Solar-lunarplek. Oermoederpunt + Oervaderpunt (lemniscaat?). Evenwicht Maria (water, maan) en Michael (zon, vuur). Vormt driehoek samen met Solar- en Lunarplek. Was vroeger bij voorkeur plek van bewoning.
PLANETENPLEK - Saturnusplek, venusplek etc. (vierkant).
4 A A R D E
HARTCENTRUM - vereniging van Kosmisch mannelijke en vrouwelijke; universele liefde, Christusbewustzijn. Bij Rode godinplek / Sterrenplek. In de nabijheid: Witte en Zwartegodinplek en Devaplek; Solar- en Lunarplek (dubbele spiraal)
MICHAELPLEK - genezend, regenboog verbinding hemel en aarde; in verbinding met Witte, Rode of Zwarte godin.
NIEUW HARTCENTRUM^ - Bij Hartcentrum, Devaplek of Landschapsengelpunt.
PLEK VAN EVENWICHT - bij Hartcentrum, Michaelplek, Mariaplek of Groeizone.
PUNT VAN EVENWICHT^ - nieuwe aardepunten (water-ether) die correspon-deren met Nieuw Hartcentrum.
KRISTALBERGPUNT - verbinding oervaderpunt-oermoederpunt (Kosm. vader-moeder; Sterrenpunt + Slangenlijn-ether; in nabijheid van Wittegodinplek. Bronstijd sjamanenplek, (ringvormig + verticale staaf/kristal).
OERMOEDERPLEK - “Godinnenplek”: slangenlijnen van water en vuur, aarde, lucht en ether; ovaal (twee ovalen).
OERVADERPLEK - sterrenlijnen, lichtlijnen, vuurlijnen; ster, vier vierkanten (ringvormig, cirkel).
AARDE-ENGELPLEK^ - driehoek : Lichtpunt van de nieuwe zon^, Hartpunt van de nieuwe zon (nieuw Michaelpunt?), Virginapunt^, in het midden Nieuw Hartcentrum (vierkant).
AARDEPOORT - verbinding (kolom) tussen kosmische energie-structuren hoog in de atmosfeer en aardediepte (vierkant).
LUCHTPOORT - instromende verbinding? ATMOSFERISCHE POORT - in- en uitademingsplek; lucht.
VIRGINAPUNT^ - heelheid van de Nieuwe aarde, versmelting man. en vr.
5 N A T U U R
METABOLISMEPUNT - elementenwezens van aarde, water, vuur en lucht.
GROENE STROOMPLEK^ - nieuwe elementenwezen; groei, stroming, yin bij Hartcentrum en bron; lemniscaat.
DEVAPUNT - engelachtig elementenwezen; lucht (oprijzende driehoek, rondcircelend van boven).
DEVAPLEK - vrouwelijke en mannelijke Devaplek bij Hartcentrum; meestal opvallend bomenpaar (konings- of moederbomen), ook bij bronnen en samenvloeiingen. Bol. LANDSCHAPSENGELPUNT / PLEK - Devapunt/-plek verbonden met Kosm. vr. (Mariapunt, Wittegodinpunt) en Kosm. metabolisme. Bij Lunarplek; lucht, hout.
CERNUNNOSPLEK - in nabijheid van sterke Blinde bron (osmose: water dat
door aardlaag ‘gevoed’ wordt; Keltische god van onderwereld en natuur (met gewei, slang, ramskop).
‘MAANCYCLUSPLEK’ - water, ontkiemen, groei (tuin voor zaaigoed?).
6 O N D E R A A R D S E
BREUKLIJN - o.a. verhoogde radioactieve straling vanuit het binnenste van de aarde; energetische zones met hun verschillende krachtplekken corresponderen met breuklijnen.
WATERADER - energetische frequentie (‘lijnen’ oost-west en noord-zuid van water in waterhoudende lagen.
BLINDE BRON (ader) - energetische frequentie van diepere waterhoudende lagen, op krachtplekken, omhoog of omlaag stuwend.
OERBRON - energetische frequentie (omhoog of omlaag stuwend) van thermaal water op krachtplekken.
ZWARTE GODINPLEK - vuur- en etherslangenlijn, breuklijn; transformerend aspect van de oermoeder; maakt deel uit van driehoek van Kosmische moeder. (Zie ook Sterrenpoort).
ONDERWERELDPOORT - energetische verbinding (Geestlijnen) tussen aardeoppervlak en Onderwereld; werd gebruikt als (dieren)offerplek in relatie tot Zwarte godin.
REGENERATIEVE PLEK - verbinding Zwarte godin – Centrale zon; in relatie tot Sterrenvierkant / Kosmische vaderplek).
ZWARTE MARIAPLEK – Zwarte marialijn, vuurslangenlijn (Slangengodinpunt), breuklijn.
ENERGETISCHE BANEN / KRUISPUNTEN EN HUN ORIENTATIE
0* metabolismelijn (‘elfenlijn’) elementenwezens, 0/ 90
0* Benkerlijn 0/ 90 (Venus?)
5* sterrenlijn 1A Sterrenpunt; Oervaderpunt 5/105
8,5* slangenlijn 1 Oermoederpunt 8,5*
15* onbekend
20* engellijn Uriel Mariapunt 20/ 110
25* sterrenlijn 1B Siriuspunt 25/ 115
30* mummificator Groot-diagonaal-netpunt 30/ 130
40* zwarte Marialijn Zwarte mariapunt 40/ 140
45* slangenlijn 2 ?
50* zonnelijn (Meyerlijn?) Lichtpunt 50/ 155
55* lichtlijn ?
60* Michaellijn Michaelpunt 60/ 150
70* deva-engellijn Devapunt 70/ 160
80* decumanus Groot-orthogonaal-netpunt 80/ 350
90* metabolismelijn Metabolismepunt 90/ 360
90* Benkerlijn
90* sterrenlijn? ?
95* slangenlijn 3 Oermoederpunt 8,5/ 95
100* sterrenlijn 2B evenwichtspunt
105* sterrenlijn 1C lichtlijn
110* Marialijn Mariapunt 20/ 110; Hartpunt 8,5?/ 110
115* sterrenlijn Siriuspunt 25/ 115
120* brongodinlijn ?
130* putrificator Groot-diagonaal-net 30/ 130
135* lichtlijn ?
140* slangenlijn 4 (vuur) Zwarte Mariapunt 140/ 50?
150* vuurlijn (drakenlijn) Michaelpunt 60/ 150
155* Michaellijn 2 Lichtpunt 50/ 155
160* engellijn-Witte godin Engelpunt van de witte godin + 70*
170* cardo mundi Groot-orthogonaal-netpunt 80/ 170
——- leylijnen geestlijn, kerkelijn, lijkweg etc.
RASTER-NETWERKEN Hartmann [ klein- orthogonaal-net] Curry [ klein-diagonaal-net] Meyer-net [nog niet onderzocht] Benker (10 m.lijn; dubbele Benkerlijn; energetisch-emotionele afvoerbaan, werd gebruikt als rooilijn) Pyere-net [nog niet onderzocht] Aragonaal-net (nog niet onderzocht) etc.
CONCENTRATIEPUNT in relatie tot kleuren en bomen
Groot-orthogonaal-netpunt / oranje / eik, fors
Groot-diagonaal-netpunt / rood / eik, gedrongen, bliksemsporen
Blinde bron / diepblauw
Oerbron / indigo
GON - GDN / rood en oranje
Hartpunt / groen, rose
Devapunt / goudgeel (goudgeelgroen met nieuw DP) / eik Devaplek / oranje (goudgroen met Nieuw DP), lichtend paars (kosmisch metabolisme) / twee eiken of berken etc.
Nieuwe Devapunt/ plek^ / helder licht(geel)groen / lijsterbessen
Landschapsengelpunt / goud-geel (beetje groen nieuw Devap.), oranje / in centrum: lichtend paars (kosm. metabolisme)
Engelpunt v.d. witte godin / witgeel / berk (driestammig), lijsterbes
Kosmische moederplek / 1-violet (met diepblauw); 2- wit ; 3-dieprood / linde
nieuwe Kosm. moederplek^ / alle kleuren / alle bomen
Kosmische vaderplek / goud
Twee-eenheidplek / violet
Solarplek / oranjerood, geel / eik, den, es
Michaelplek/punt / regenboog, geel, violet / eik, taxus
Sterrenpunt / geelwit / beuk, haagbeuk (beuk: planetenboom; linde en ceder: sterrenboom)
Sterrenplek / geelgroenwit, oranje / els
Nieuw sterrenpunt ^ / fel goudoranje
Sterrenpoort / zilverblauw (kosmische zon), oranje, purperrood / berk, lijsterbes
Siriuspunt ^ / heldergroen / lijsterbessen
Siriusplek / geelwit, helder lichtgroen, oranjerose / alle bomen
Groene stroomplek ^ / donkerblauw, helder lichtgroen / lijsterbessen
Cernunnosplek / diepviolet, lilablauw, heldergroen / berk
kosmisch licht / diep blauwviolet / eik
Aardingspunt v. eenheid ^ / opaalwit / essen Lunarplek / lila (wijsheid, Sirius?), blauw / berk; kring van linden, beuken; lijsterbessen
Mariapunt / blauw, rose / den, linde
Mariaplek /
Zwarte Mariapunt / karmijnrood / vuilboom, hazelaar, wilde kers, eik, tamme kastanje, taxus
Metabolismepunt / geel, groen / vlier, stammen groeien om en tegen elkaar
Aardingspunt v. heelheid ^ / opaalwit / taxus, lijsterbes, hulst
Plek van evenwicht / donker violet / es
Punt van evenwicht ^ / wittig? / lijsterbessen
Hartcentrum / goud, groen, wit / spar, tamme kastanje
Nieuw hartcentrum ^ / lichtgroen, rose / lijsterbes
Kristalpunt / purperrood, blauw-groen, wit / berk, eik
Oermoederplek / volrood, donkergroen / eik
Wittegodinplek / melkwit, witgeel / berk Plek van heelheid ^ / goudgeel, opaalwit / berk, lijsterbes
Virginapunt ^ (vereniging van man. en vr. principe) / opaalwit, lila
Rode godinplek / dieprood, soms ook donkergroen / taxus
slangenlijn 8,5 = water, heldergroen
slangenlijn 45 = lucht, rood
slangenlijn 140 = vuur, witgeel + donkerrood, rondom, “bliksemflits”
slangenlijn 145 = aarde, donkerkarmijn
slangenlijn ether = blauwgrijs, zilver: kosmische moeder
Zwarte godinplek / heldergroen, goudgroen, donkerpaarsrood (aubergine) / berk, vlier
Onderwereld-poort / oranje-roze
Oervaderplek / donkerrose, witgeel
Oervaderpunt / blauwgroen
Wit Gat / stralend wit
Oervader + oermoederplek / oranje, blauwgroen, (donkerkarmijn?)
Aarde-engelplek ^ / heldergroen / linde (koninginneboom) en meidoorn
Lichtpunt v.d. nieuwe zon ^ / goudgeel, witgeel
Engelpunt van genezing v.d. aarde (genezende plek) / regenboog / taxus
“maancyclusplek” / geel, wit
Groeizone / oranjewit, groenwit, roserood / veel bomen
Opaalplek (bij Groeizone) / wittig rose-lila-oranje-blauw
Vrije energie / grijzig; in verbinding met Rode godin dansende deeltjes rose-geelgoud, roserood
CHAKRA in relatie tot KRACHTPLEK o.a.: kruin-chakra - Witte godinplek (opaalwit); Wit gat (plek van Zijn)
voorhoofd - Groene stroomplek (donkerblauw)
keel - Rodegodinplek (rood, blauw); Kosm. moederplek (zilverblauw)
hart - Hartcentrum (groen, goud)
zonnevlecht - Solarplek (geel)
navel - Sterrenplek (goudoranje)
stuit - Zwarte godinplek (aubergine)